Nederland 2026: politieke verschuivingen, symbolische tolerantie en de psychische rekening voor LHBTQIA+ mensen
Nederland houdt graag vast aan het zelfbeeld van gidsland: pragmatisch, verdraagzaam, ‘doe maar normaal’. Dat narratief staat inmiddels op spanning. Niet omdat LHBTQ+-rechten formeel zijn afgeschaft - dat is het gemakzuchtige misverstand - maar omdat de politieke en culturele onderlaag verschoven is. En die onderlaag is precies waar geestelijke gezondheid haar prijs betaalt.

Symbolische progressie versus structurele erosie
De zichtbare paradox is bekend: een land waarin Rob Jetten zich openlijk homoseksueel en zonder omwegen positioneert als mogelijk toekomstig premier, terwijl tegelijkertijd extreem-rechtse en reactionaire stromingen steeds explicieter opereren. Een schisma: symbolische inclusie bovenin, normatieve verharding eronder.
Voor de buitenwereld oogt dit als vooruitgang. Voor LHBTQ+ personen, zeker jongeren, non-binaire mensen en mensen buiten de Randstedelijke bubbel, voelt het anders: zichtbaarheid zonder veiligheid. En dat is psychologisch een giftige combinatie.
Normalisering van vijandigheid
Waar het vroeger ging om marginale haat, gaat het nu om genormaliseerde twijfel aan gelijkwaardigheid. Niet meer: “jij mag er niet zijn”, maar:
- “Moet dit zo zichtbaar?”
- “Is dit wel passend voor kinderen?”
- “We mogen toch ook kritisch zijn?”
Die verschuiving is klinisch relevant. Onderzoek naar minority stress laat zien dat ambigu vijandige omgevingenschadelijker kunnen zijn dan open afwijzing: het brein blijft permanent scannen. Niet vanuit acute dreiging, maar wel chronische waakstand. Dat vertaalt zich in:
- verhoogde angst- en spanningsklachten
- depressieve symptomen
- dissociatie en emotionele afvlakking
- verhoogde suïcidaliteit, juist bij mensen die ‘functioneren’
Nederlandse cijfers laten dit patroon al jaren zien: LHBTQ+ jongeren rapporteren structureel hogere suïcidegedachten en pogingen dan heteroseksuele leeftijdsgenoten, ondanks formele gelijkberechtiging. Zie je de context?
Extreem-rechts gedrag: minder wetten, meer schade
In Nederland wordt extreem-rechts vaak gebagatelliseerd zolang het ‘binnen de wet’ blijft. Dat is intellectueel lui en klinisch behoorlijk naïef; je hebt geen nieuwe wetten nodig om schade aan te richten. Rhetoriek is genoeg.
- Het voortdurend problematiseren van genderdiversiteit
- Het framen van LHBTQ+ emancipatie als eliteproject
- Het suggereren dat gelijkwaardigheid 'te ver is doorgeschoten'
Voor LHBTQ+ cliënten betekent dit: hun bestaan wordt onderhandelbaar. Niet verboden, maar betwist. En wat betwist wordt, moet zich verdedigen. Dat kost psychische energie - dagelijks, levenslang.
De Jetten-illusie
De aanwezigheid van een openlijk homoseksuele politicus aan de top werkt voor veel mensen geruststellend: zie je wel, het valt mee. Voor mijn doelgroep werkt het vaak anders. Het creëert een impliciete norm: als hij het kan, waarom jij niet?
Dat miskent sociale klasse, regionale verschillen, neurodiversiteit, religieuze context en gezinsdynamiek. Het gevolg is zelfverwijt bij falen en extra schaamte bij klachten. Suïcidaliteit ontstaat zelden uit 'niet trots genoeg zijn', maar uit structurele overbelasting in een vijandige context die ontkent dat zij vijandig is.
Geen extreem-linkse romantiek
Laat dit helder zijn: dit is geen pleidooi voor identitaire verheerlijking of morele superioriteit. Niet elke kritiek is haat. Niet elke spanning is onderdrukking. Maar wie de huidige politieke verschuivingen bagatelliseert, verwart juridische gelijkheid met psychische veiligheid. Een denkfout en bovendien een kostbare.
Klinische consequentie
Voor behandelaren betekent dit dat LHBTQ+ klachten niet neutraal zijn. Angst, depressie of suïcidaliteit staan zelden los van het maatschappelijk klimaat. Wie dat wel zo behandelt, individualiseert een collectief probleem en zet impliciet de cliënt buitenspel.
De harde conclusie:
Nederland is juridisch relatief veilig voor LHBTQ+ mensen, maar psychologisch steeds minder vanzelfsprekend. En een samenleving die haar minderheden leert om voortdurend op hun bestaan te letten, hoeft zich niet te verbazen over wat dat mentaal kost.